Schrijven voor het web

Goede teksten ontstaan wanneer de schrijver iets te zeggen heeft en het vervolgens ook goed zegt. Met andere woorden: zowel de inhoud als de presentatie in orde zijn. Dat gold vroeger, maar dat geldt ook nu, na de uitvinding van de drukpers, de typemachine en de computer. Zeker in onze tijd van internet en nieuwe media, waarin we meer informatie te verwerken krijgen dan ooit tevoren is het belangrijk om genoeg aandacht aan deze zaken te besteden.

Allereerst is de inhoud van belang. De bezoeker van een website is op zoek naar bepaalde informatie en het is daarom onder andere van groot belang dat de informatie up-to-date en gemakkelijk te vinden is.

Daarnaast is ook de manier waarop je iets zegt van belang. Bij het schrijven van teksten voor het web gelden net iets andere regels dan bij andere media. Waar moet je op letten?

Schrijf kort en bondig

Papieren teksten zijn zelden geschikt voor het web. Lezen van een beeldscherm kost meer inspanning en gaat ongeveer 25% langzamer dan lezen van papier: probeer daarom zo kort en bondig mogelijk te schrijven. Een te lange tekst zal niet gauw tot het einde toe uitgelezen worden, hoe interessant de lezer het thema ook vindt.

Bezin je dus van tevoren goed op de inhoud van de tekst: wát wil ik precies aan de lezer vertellen? Welk doel wil ik bij de lezer bereiken en welke informatie is daarbij belangrijk? Door het stellen van dergelijke vragen zie je al snel welke informatie overbodig is.

Schrijf je boodschap vervolgens zo beknopt mogelijk op. Probeer hierbij vage zinsconstructies en aanloopjes te vermijden. Constructies als ‘met betrekking tot’, ‘er kan gesteld worden dat’ of ‘in zekere zin’ zijn soms noodzakelijk, maar kunnen in veel gevallen achterwege worden gelaten. Op deze manier wordt de zinslengte korter en ontstaat er een beter leesbare tekst.

Zorg voor een heldere structuur

Webteksten worden niet lineair gelezen, maar interactief. Daarom zijn bestaande “papieren” teksten zijn zelden geschikt voor het web. Een bezoeker bepaalt zelf de leesroute en surft zoekend, aftastend, zappend door een website, op zoek naar relevante informatie. Daarmee verschilt de samenhang in de tekst sterk van die in papieren teksten. Verwijswoorden als ‘bovenstaand’ of ‘hiernavolgend’ dienen in webteksten dan ook vermeden te worden. Op het interactieve web hebben deze begrippen geen betekenis.

U dient “papieren” teksten om te schrijven voor het web. Door relevante informatie in je tekst te benadrukken en logisch te ordenen, beantwoord je onmiddellijk de vraag van de lezer: wat heb ík hieraan? Om de aandacht van de lezer vast te houden, moet hij direct een beeld hebben van wat de pagina hem te bieden heeft.

Plaats belangrijke informatie aan het begin

Als u een lange tekst schrijft is het verstandig om belangrijke informatie aan het begin van de tekst te plaatsen. Maak een korte inleidende tekst die de inhoud samenvat. De tekst wordt dan leesbaar op meerdere niveaus: de globale inhoud staat in de kop en inleiding. Details vinden de lezers in de rest van de tekst. Een handig ezelsbruggetje hierbij is het gebruik van 'de vijf w's en de h'. Als de inleiding de vragen wie, wat, waar, waarom, wanneer en hoe beantwoordt, is de inleiding compleet.

Gebruik duidelijke tussenkopjes

Verdeel de tekst in kleine hapklare brokjes informatie. Elk voorzien van een duidelijk tussenkopje (niet te lang,  max drie woorden). De tussenkopjes in een webtekst moeten informatief en duidelijk zijn. In tijdschrift artikelen wordt soms gebruik gemaakt van cryptische tussenkopjes. In een webtekst kunnen cryptische kopjes beter vermeden worden. Als tussenkopjes informatief en duidelijk zijn geven ze de lezer direct een overzicht van de informatie die op de pagina te vinden is.

Behandel één onderwerp per alinea

Maak snel je punt! Wat voor alle alinea’s geldt,  geldt voor webteksten nog sterker: een alinea heeft één onderwerp en als het kan staat de kernzin vooraan.

In tijdschriftartikelen of achtergrondartikelen van een krant wordt soms begonnen met een aanloopje of sfeerimpressie. Op het internet zijn mensen doorgaans gericht op zoek naar bepaalde informatie en hebben dergelijke introducties die als doel hebben de lezer te boeien vaak een averechts effect.

Gebruik opsommingen

Gebruik waar mogelijk opsommingen om informatie te ordenen. Een opsomming leest fijner dan een stuk lopende tekst. Als schrijver sla je twee vliegen in één klap. Je schrijft overtuigender en het kost minder woorden. In lopende tekst ben je namelijk veel energie kwijt aan het verbinden van zinnen met signaalwoorden (behalve, naast, bijvoorbeeld). Te lange opsommingen kunnen echter een averechts effect hebben. Probeer om niet meer dan vijf items te gebruiken. Als dat toch nodig is, maak dan per item een paar kernwoorden vet.