Liturgie ochtenddienst 11 februari 2018

Activiteit
Datum:
Zondag, 11 Februari 2018 - 10:00 - 11:15
Locatie:
Oude kerk
Groep:

LITURGIE KERK- EN SCHOOLDIENST VAN DE DS. R.P.A. RUTGERSSCHOOL.

Zondag 11 februari om 10.00 uur in de Oude Kerk 
Thema: Van harte
Voorganger: Ds. K.F.W. Borsje

Welkom door de ouderling van dienst

De dominee en de ouderling van dienst lopen naar de preekstoel. 
De ouderling geeft de dominee een hand en wenst hem een gezegende dienst.

Welkomstlied:  Gezang 174: 1 en 2 
1. Vaste rots van mijn behoud,  
als de zonde mij benauwt,   
laat mij steunen op uw trouw,
laat mij rusten in uw schauw,  
waar het bloed door u gestort,  
mij de bron des levens wordt.                                

2. Jezus niet mijn eigen kracht,  
niet het werk door mij volbracht,  
niet het offer dat ik breng,  
niet de tranen die ik pleng,  
schoon ik ganse nachten ween,  
kunnen redden, Gij alleen.

Stil gebed
Iedereen vraagt stil voor zichzelf om een zegen voor de dienst.

'Onze hulp' en christelijke groet
De dominee zegt dat we de hulp van de Here nodig hebben en hij groet ons namens God.

Zingen: Psalm 139: 1 en 4
1. Niets is, o Oppermajesteit,  
Bedekt voor Uw alwetendheid;
Gij kent mij, Gij doorgrondt mijn daan;
Gij weet mijn zitten en mijn staan;
Wat ik beraad', of wil betrachten,  
Gij kent van verre mijn gedachten.

4. Doorgrond m' en ken mijn hart, o Heer';
Is 't geen ik denk niet tot Uw eer?
Beproef m' en zie of mijn gemoed
Iets kwaads, iets onbehoorlijks voed',  
En doe mij toch met vaste schreden
Den weg ter zaligheid betreden.

De Wet (voorgelezen door kinderen uit groep 8)

Zingen: Lied van de 10 geboden 
Melodie: Jezus zegt dat Hij hier van ons verwacht

Ken je Gods gebod, woorden een tot tien?
God laat zo Zijn wil voor heel ons leven zien!
Al die woorden zijn er, ook voor jou en mij.
Leven zoals God wil, dat maakt je vrij!

Een, dat is de Heer, niemand is als God.
In zijn Vaderhand ligt heel ons levenslot.
Twee: maak dan geen beelden, Hij is altijd meer.
Dien geen and’re goden, dan God de Heer. 

Drie, dat is de naam van de hoge God.
Hij vraagt ook aan jou, dat jij niet met Hem spot.
Vier, dat is de rustdag, dag van onze Heer.
Elke dag een feestdag, vandaag ook weer.

Vijfde woord van God: blijf je ouders trouw.
Denk aan wat ze deden in hun zorg voor jou.
Zes: je moet niet haten, dat brengt veel verdriet.
Schelden, slaan en schoppen, dat helpt je niet. 

Zeven is Gods woord, ja probeer het maar:
dwars door dik en dun toch trouw zijn aan elkaar.
Acht: je mag niet stelen, wat van and’ren is.
Als je toch iets meepikt, dan gaat het mis.

Negen: spreek geen kwaad en maak niemand zwart.
zeg alleen de waarheid, houd een zuiver hart.
Tien: wees niet jaloers op wat een ander heeft.
Je wordt zielsgelukkig als jij zo leeft!

Gebed
Samen bidden we of de Heilige Geest bij ons wil zijn en ons wil helpen.

Kinderen zingen: God kent jou vanaf het begin

Schriftlezing (voorgelezen door kinderen uit groep 7)
1 Samuel 1: 1-20
De gelofte van Hanna

1 Er was een man uit Ramathaïm-Zofim, uit het bergland van Efraïm, en zijn naam was  Elkana, een zoon van Jeroham, de zoon van Elihu, de zoon van Tochu, de zoon van Zuf, een Efrathiet.
2 En hij had twee vrouwen. De naam van de ene was Hanna en de naam van de andere Peninna. Nu had Peninna kinderen, maar Hanna had geen kinderen.
3 Deze man ging van jaar tot jaar  zijn stad uit om zich in Silo voor de HEERE van de legermachten neer te buigen en offers te brengen. Daar waren de twee zonen van Eli, Hofni en Pinehas, priesters van de HEERE. 
4 Wanneer de dag kwam dat Elkana een offer bracht, gaf hij delen van het vlees aan Peninna, zijn vrouw, en aan al haar zonen en haar dochters.
5 Maar aan Hanna gaf hij een speciaal deel, want hij had Hanna lief; maar de HEERE had haar baarmoeder toegesloten.
6 Haar tegenpartij treiterde haar telkens weer om haar kwaad te maken, omdat de HEERE haar baarmoeder toegesloten had.
7 En zo ging het jaar op jaar. Zo dikwijls als zij naar het huis van de HEERE ging, treiterde zij haar zo; dan huilde zij en at niet.
8 Elkana, haar man, zei dan tegen haar: Hanna, waarom huil je, waarom eet je niet, en waarom is je hart verdrietig?  Ben ik je niet meer waard dan tien zonen?
9 Toen stond Hanna op, nadat men in Silo gegeten en gedronken had. Nu zat Eli, de priester, op een stoel bij een deurpost van de tempel van de HEERE.
10 Bitter van gemoed bad zij tot de HEERE en zij huilde erg.
11 Zij legde een gelofte af; zij zei: HEERE van de legermachten, wanneer U werkelijk de ellende van Uw dienares aanziet, aan mij denkt en Uw dienares niet vergeet, maar aan Uw dienares een mannelijke nakomeling geeft, dan zal ik die voor al de dagen van zijn leven aan de HEERE geven,   en er zal geen scheermes op zijn hoofd komen.
12 En het gebeurde, toen zij lang bleef bidden voor het aangezicht van de HEERE, dat Eli op haar mond lette.
13 Want Hanna sprak in haar hart; alleen haar lippen bewogen, maar haar stem werd niet gehoord. Daarom hield Eli haar voor dronken.
14 En Eli zei tegen haar: Hoelang zult u zich nog dronken gedragen? Ontdoe u van uw wijn.
15 Maar Hanna antwoordde en zei: Nee, mijn heer, ik ben een diepbedroefde  vrouw; ik heb geen wijn of sterkedrank gedronken, maar ik heb  mijn ziel uitgestort voor het aangezicht van de HEERE.
16 Houd uw dienares toch niet voor een verdorven vrouw, want vanwege de veelheid van mijn gedachten en mijn verdriet heb ik tot nu toe gesproken.
17 Toen antwoordde Eli en zei: Ga in vrede, en de God van Israël zal u geven wat u van Hem gebeden hebt.
18 Zij zei: Laat uw dienares genade vinden in uw ogen. Vervolgens ging de vrouw haars weegs. Zij at weer en haar gezicht stond bij haar niet meer als voorheen.
19 Zij stonden 's morgens vroeg op, bogen zich neer voor het aangezicht van de HEERE, keerden terug en kwamen aan bij hun huis in Rama. Elkana had gemeenschap met zijn vrouw Hanna,   en de HEERE dacht aan haar.
Geboorte van Samuel
20 Het gebeurde na verloop van dagen dat Hanna zwanger werd. Zij baarde een zoon en gaf hem de naam Samuel,   want, zei ze, ik heb hem van de HEERE gebeden.

Collecte
Er gaan 2 collectezakken rond waarin je geld mag doen voor de diaconie en voor de kerk. (Verzorgd door kinderen van groep 5)

Zingen: Psalm 116: 1, 3 en 11
1. God heb ik lief, want die getrouwe Heer'
Hoort mijne stem, mijn smekingen, mijn klagen.
Hij neigt Zijn oor, 'k roep tot Hem, al mijn dagen;
Hij schenkt mij hulp, Hij redt mij keer op keer.

3. "Och Heer', och wierd mijn ziel door U gered!"
Toen hoorde God; Hij is mijn liefde waardig.
De Heer' is groot, genadig en rechtvaardig,  
En onze God ontfermt zich op 't gebed.

11.  Ik zal met vreugd in 't huis des Heeren gaan,  
Om daar met lof Uw groten Naam te danken.
Jeruzalem, gij hoort die blijde klanken.
Elk heff' met mij den lof des Heeren aan!

Verhaal voor de ouders

Kinderen zingen: Wees niet bang

Verkondiging
De dominee gaat ons meer vertellen over het verhaal uit de Bijbel.

Kinderen zingen: Ik zal er zijn

Dankgebed 
We danken God voor deze dienst en bidden voor iedereen die dat nodig heeft.

Collecte

Slotzang : ‘k Stel mijn vertrouwen op de Heer mijn God (2x)
‘k Stel mijn vertrouwen op de Heer mijn God
Want in zijn hand ligt heel mijn levenslot 
Hem heb ik lief, zijn vrede woont in mij
‘k Zie naar Hem op en ‘k weet hij is mij steeds nabij

Zegen
De dominee geeft ons de zegen van God.

Slotzang : Zegen ons algoede : 3
Amen, amen, amen,  
dat wij niet beschamen,  
Jezus Christus onze Heer,  
amen, God, Uw naam ter eer